V.I.P.-Partners van Suiker

                                 


 

De sirene

Er is maar één categorie mensen die nog erger zijn dan zij die altijd te laat komen, namelijk de mensen die altijd op tijd komen. We kunnen ervan meespreken: we behoren immers tot die tweede categorie. We komen altijd en overal, zonder uitzondering, steeds op tijd. Ook als we met man en macht proberen te laat te komen, dan nog komen we op tijd. Onlangs kregen we de opdracht om vijf uur onze dochter N. te gaan ophalen op een verjaardagsfeestje. Het is een ongeschreven regel dat je op dergelijke afspraken ruimschoots te laat komt opdagen. Daarom deden we voor onze aankomst nog verschillende boodschappen, stopten met nog een halve tank brandstof aan het benzinestation en remden voor elk zebrapad. Het leverde voldoende tijdverlies op, zo hoopten we. Tot we aanbelden bij de jarige en we op onze gsm keken. Het was nog vijf minuten vóór het afgesproken uur. Het resultaat was een mokkend kind op de achterbank.

 

Stipt op tijd zijn, rekenden we lange tijd tot een van onze positieve eigenschappen. Tegen beter weten in, want op tijd komen, wekt bij anderen alleen maar ergernis en irritatie op. Op tijd komen wordt geassocieerd met ‘Aufmachen, bitte!’ te laat komen met ‘Laat het gras maar groeien’.

 

Sinds kort weten we ook waarom we altijd en overal op tijd komen. Het rigoureus op tijd komen wordt veroorzaakt door de wijze waarop een onderwijsinstelling in ons dorp al meer dan een eeuw het begin van een schooldag aankondigt. Dat gebeurt niet met een bel zoals in 99 procent van de scholen, maar met een sirene. ‘Eiiiiiiiiiauw’ doet ze sinds mensenheugenis. Als we niet beter wisten, zouden we de buurman ervan verdenken onze kater iedere ochtend in een put in de grond te stoppen.

 

Sirenes zijn altijd en overal de boodschappers van slecht nieuws. Ze kondigen oprukkende bommenwerpers aan of waarschuwen voor smeltende kerncentrales. In ons geval luidde -of beter gezegd- jankte de sirene telkens het begin van de schooldag in …

 

Wij groeiden op in de schaduw van deze school. Duizenden malen is die sirene erin geslaagd door te dringen tot onze hersenen. De schriele klanken hebben zich genesteld in de kleinste cellen van ons zenuwstelsel en zijn tot een instinct gemuteerd dat tot op de dag van vandaag ons levensritme bepaalt. Op tijd komen! Altijd op tijd komen! Telkens onze hersenen een begin- of einduur krijgen opgelegd, wordt die sirene in werking gezet. Op dat moment verliezen we elke zeggingskracht over ons lichaam en worden we robots die -zoals in slechte sciencefictionfilms- geleid worden door een onzichtbare big brother.

 

Sinds we vijf jaar geleden naar het centrum van het dorp verhuisden, bevindt het eertijds zuivere jongenscollege zich vandaag weer op slechts een boogscheut van onze woning. Onze dochters F. en L. lopen hier al een halfjaar school. Hun ochtenden verlopen altijd in volstrekte ordeloosheid. Bij opgroeiende puberdochters moeten dan op een tijdbestek van een kwartier 101 handelingen gebeuren: de krultang moet nog door het haar gehaald worden, er dient nog gekozen te worden uit dertien mogelijke outfits, op het laatste nippertje moeten nog handtekeningen gezet worden in agenda’s, fietssleuteltjes gezocht, boterhammen gesmeerd … Die chaos komt als bij wonder tot stilstand wanneer in de verte weer de sirene weerklinkt. Net als destijds in ons ouderlijk huis dringt dit klagelijk janken weer ongevraagd door ramen en deuren binnen. Het geluid kan door onze dochters niet genegeerd worden. De ijselijke golven dringen in hun hoofden binnen als zenuwgas, doen automatisch hun spieren verkrampen en hun passen versnellen. De sirene stoort het ritme van hun ademhaling, doet hun mondvocht opdrogen en zet hun zweetklieren aan tot activiteit. Op dat moment bevriezen in een klap al hun ongestuurde handelingen en wordt bij hen de automatische piloot ingeschakeld. F. en N. verlaten binnen de minuut het huis en zetten koers naar school, als werden ze aangestuurd door een onzichtbare kracht, zoals deze die potvissen op het strand gooit. Een gewisse dood tegemoet. Op die manier komen ze steeds op tijd op school. Net als wij dat deden …Ook wij hoorden als kind in onze achterkeuken dezelfde sirene afgaan. Ook wij lieten alles vallen en verlieten spoorslags ons huis om exact op tijd op de speelplaats aan te komen en aan te sluiten bij de colonnes opmarcherende lotgenoten.

 

Daarom pleiten we onschuldig voor het altijd maar weer op tijd komen. Het is een onweerstaanbare drang die zich telkens weer van ons meester maakt.

 

 

 

 

 

 

Share/Save/Bookmark

Plaats reactie


Beveiligingscode
Vernieuwen

Print je mail !

 Wanneer je van ons een beves-tigingsmail krijgt dat je vrijkaarten hebt gewonnen, druk dan die mail af en neem hem mee naar de locatie waar de voor-stelling plaatsvindt.

Vermeld ook steeds je naam en adres in de mail wanneer je wil meedingen voor de vrijkaarten.

Mei-nummer

De oudere nummers vind je in ons archief.
 

 

 


 

is de Kempense cultuurkrant. Een uitgave van Procart GVC. © Suiker 2009