Toon Horsten schrijft een boek
De ene medewerker van Suiker die de andere interviewt... We geven het toe: dat ruikt verdacht veel naar navelstaarderij. En dat ís het ook. Maar als er een goede aanleiding voor is, mag het. En die is er. Onze columnist Toon Horsten brengt deze maand een boek uit: 'Het geluk van de lezer'. Het is een verzameling columns die hij voor de Standaard der Letteren, de wekelijkse boekenbijlage van De Standaard, schreef.
"Toon Horsten vlooit boeken uit op zoek naar wijsheden die ons beter maken. Meestal vindt hij iets anders." Zo werd in de Standaard der Letteren de opdracht omschreven waarmee Horsten werd opgezadeld. Nu ja, opgezadeld is een te groot woord, want de boekenzot uit Hoogstraten doet niks liever dan in bibliotheken, boekhandels en antiquariaten koortsachtig op zoek gaan naar niks in het bijzonder. Het ging dus in één moeite mee door.
Wat sprak je aan bij die opdracht? Ten eerste vond ik het leuk dat het ook over oude boeken en soms wat vergeten schrijvers mocht gaan, de waan van de dag was ver weg. Het uitgangspunt boeide me ook. Ik moest geen typische boekbespreking schrijven. Ik kreeg de vrijheid om simpelweg te vertellen wat mij had getroffen in een boek. Ik mocht er passage uitlichten en er mocht al eens gelachen worden. De opdracht was heel breed: ik kon er alle kanten mee uit.
Hoe lang heeft de rubriek gelopen?
Vier jaar; veel langer dan gepland. Er was afgesproken om het een jaar vol te houden. Maar bij de Standaard der Letteren waren ze blijkbaar wel tevreden over de rubriek en ikzelf vond het erg leuk om te doen. Die vaste rubriek is nu een boek geworden. Is het boek louter een verzameling van reeds gepubliceerde artikels of heb je er ook nieuwe voor geschreven? Ik heb er enkele nieuwe geschreven, maar het gaat voornamelijk om stukken die in de Standaard der Letteren zijn verschenen, ja. Alleen heb ik ze bijna allemaal nog wat herwerkt.
Waarom?
Een boek is toch iets anders dan een krantenartikel. Het is uiteindelijk veel meer geworden dan zomaar een verzameling columns. De uitgever wilde er een soort alternatieve leesgids van maken. Een boek dat de lezer diets zou maken hoe je veel plezier kan beleven door op een heel ongedwongen manier met lezen om te gaan. Daarom hebben we bij elk stukje ook wat leestips opgenomen. Bovendien heb ik de meeste teksten nu nog eens grondig onder handen genomen, en eventuele schoonheidsfoutjes weggewerkt.
De titel van het boek is: "Het geluk van de lezer". Leg uit.
Lezen is een ontdekkingstocht. Soms lees je dingen waarvan je denkt: 'Zo had ik het nog niet bekeken.' Nog prettiger is het wanneer een schrijver op papier zet wat je zelf altijd gedacht hebt. Dat is het geluk van de lezer, zoiets kan me erg vrolijk stemmen. Laat me het uitleggen met een voorbeeld. Ik ben, om het zacht uit te drukken, nooit een fan geweest van Ulysses van James Joyce. Het is bijna een automatische reflex om dat soort dingen voor jezelf te houden, want Ulysses is een klassieker in de wereldliteratuur en de fout zal dus wel bij jou liggen en niet bij het boek. Een tijdje geleden las ik een boek van de Duitse schrijver en columnist Kurt Tucholsky. In een recensie van de Duitse vertaling van Ulysses van zeventig jaar geleden maakte die brandhout van Ulysses. Hij vergeleek het boek met Liebig-vleesbouillon."Je kan het niet eten, maar er zal nog veel soep van worden getrokken", schreef hij. Het 'zie-je-welgevoel' dat je dan ervaart: dat is het geluk van de lezer.
De dieperliggende betekenis is dat je bij het lezen altijd verrast kan worden. Je stoot vaak op heel andere dingen dan je had verwacht. Of je vindt antwoorden op vragen die je je nooit had gesteld. Als je leest dat een vandaag bijna heiligverklaarde schilder als Miró een paar jaar voor zijn dood in een interviewboek nogal balorig zegt 'J'aimerais mourir en disant merde', dan is dat toch een revelatie. In zo'n boek spreekt zo'n man je soms bijna rechtstreeks toe. Anders gezegd: het loont altijd de moeite om te lezen, want je weet nooit wat je te wachten staat. Het is tegelijkertijd een pleidooi om te lezen wat je wil lezen, niet wat anderen je opdragen te lezen.
Heb je in 'Het geluk van de lezer' een voorkeur voor een bepaalde thematiek? Zit er een rode draad in?
Neen, ik heb geschreven over wat mij geraakt heeft in boeken, ongeacht de schrijver en ongeacht het thema. De meest uiteenlopende auteurs komen aan bod. Ik heb zowel over voetbal geschreven als over Victor Hugo of Vader Abraham. Er zit geen enkele lijn in. Of het zou moeten zijn dat ik uiteindelijk toch wel een voorliefde heb voor schrijvers die helder en duidelijk formuleren. Vreemd genoeg zijn dat meestal schrijvers die niet altijd naar waarde geschat worden. Godfried Bomans heeft nooit een literaire prijs gekregen die naam waardig. Simon Carmiggelt wel, maar pas toen hij hoogbejaard was. Of wat te zeggen van Karel van het Reve, die al op zijn achttiende zinnen als 'zindelijkheid is goed, maar het mag niet ontaarden in hygiëne' schreef.
'Het geluk van de lezer' van Toon Horsten verschijnt bij Linkeroever Uitgevers en ligt vanaf begin april in de betere boekhandel.
Tekst: Roel Sels | Foto: Bart Van der Moeren
