Wim Vandekeybus te gast in de Warande
januari 2012
HERENTHOUT - Homo universalis Wim Vandekeybus brengt op 12 januari in de Warande de voorstelling ‘Bêt noir’, de dwarse en eigenzinnige bewerking van Sofokles’ Oedipus door Jan Decorte. Opmerkelijk is dat ook de Vlaamse blueslegende Roland van Campenhout mee tussen de dansers staat. “De charismatische Roland was gewoon de geknipte figuur voor deze voorstelling”, zegt Vandekeybus.
‘Bêt noir’ - een dans-muziek-theatervoorstelling- is al een tijd op tournee in Vlaanderen en Nederland en wordt door De Morgen geprezen voor ‘zijn energieke en rauwe danspartijen’ en is volgens Knack ook ‘troostend en schoon om te zien’. Suiker sprak even met Wim Vandekeybus en vroeg hem terloops ook naar zijn Kempense wortels. Deze danser, choreograaf, regisseur, acteur en fotograaf van, zeg maar gerust, wereldformaat is namelijk afkomstig uit Herenthout.
Profiteer je ervan als je in de Warande moet werken om binnen te springen bij je familie?
Mijn moeder woont nog in Herenthout en ik bezoek haar nog regelmatig. Maar verder heb ik geen contact meer met dorpsgenoten. Ondertussen is het al 20 jaar geleden dat ik er ben weggetrokken. Maar ik kom er nog wel graag.
Je staat nu op het podium van de Warande. Ging je er als kind vaak naar voorstellingen kijken?
Turnhout was toen, laat ons zeggen, de grootstad die dichterbij lag dan Antwerpen. Maar toen ik nog kind was, waren we thuis niet zo cultuurgericht. We waren vooral bezig met paarden en paardrijden. We hadden een boerderij in Grobbendonk en hadden vooral interesse voor het verzorgen van dieren. Ik ging naar het college in Herentals en we zijn, zo denk ik, maar een of twee keer naar het theater in Antwerpen geweest.
Het feit dat je vader dierenarts was, komt tot den treure toe altijd terug in biografietjes over jou. Hij nam je mee op zijn ronde en daar zou je fascinatie ontstaan zijn voor dierlijke instincten en dierlijke energie: elementen die tot vandaag in je dansvoorstellingen voelbaar zouden zijn.
Ach ja, men blijft daarover doorbomen. Ik denk dat vooral mijn eigen karakter, temperament en mijn eigen keuzes belangrijk zijn. Natuurlijk hebben die vroege ervaringen een invloed gehad, maar ik begin nooit aan een nieuwe voorstelling met de gedachte: nu ga ik nog eens vertrekken van het instinctieve van de dieren (lacht). Ik ben wel een instinctief iemand en mijn voorstellingen zijn wel fysiek. Maar soms is het ook helemaal anders. In zekere zin ben je wie je bent en de omstandigheden stimuleren dat of niet. Ik ben goed in dingen uitvinden en ondersteboven draaien.
Werd je thuis gestimuleerd in je artistieke ambities?
Eigenlijk niet: we waren geen culturele familie. We deden wel aan turnen en gingen naar de muziekschool. Maar theater: neen. Mijn keuze werd meer negatief onthaald, in de zin van: kun je daar wel van leven?
Mijn eerste artistieke stappen heb ik op mijn vijftiende gezet; ik was toen vooral bezig met fotografie. In die tijd had ik een goede vriend: Dorian van der Brempt (huidig directeur van het Vlaams-Nederlands Huis deBuren in Brussel). Hij had in Oud-Turnhout een cultuurstichting opgericht en heeft me in het begin van mijn carrière erg gesteund, ook financieel. Nadien ben ik naar New York getrokken en nog later ben ik bij Jan Fabre terechtgekomen en mee gaan toeren. Ik ben dan verhuisd naar Brussel en heb daar mijn eigen compagnie opgericht. Nu is de wereld mijn dorp. Hoewel het wel belangrijk is om een thuis te hebben.
Laten we het over de voorstelling hebben. Het is opmerkelijk dat je samenwerkt met bluesman Roland. Hijzelf beweert niet te weten waarom je voor hem hebt gekozen. Omdat in zijn blues ook de tragiek van een Grieks noodlot zit, zo denkt hij.
Ik kende Roland al als figuur, en ook zijn muziek was me een beetje bekend. Voor deze voorstelling had ik een vaderfiguur nodig die charismatisch was en zich kon uitdrukken in muziek. Roland was daar de geknipte persoon voor. Hij kan zich uitdrukken in muziek en blues. Ik hou ook van mensen die -zoals hij- ‘obsessed’ bezig zijn met iets.
Je werkt dan ook nog eens met een tekst van Jan Decorte. Hierdoor komen in deze voorstelling drie van Vlaanderens eigenzinnigste artiesten samen.
Dat zou wel eens kunnen. Jan en ik zijn extreem in ‘het willen doen wat we willen doen’. Maar we zijn beiden heel anders. Jan heeft het stuk niet geregisseerd. Ik doe met zijn tekst iets totaal anders dan wat hij ermee doet. Maar Jan vindt het wel goed wat ik ermee gedaan heb. Ik vind dat deze tekst gemaakt is om geregisseerd te worden door andere mensen. Jan heeft op een fantastische manier een klassieker herschreven. Ik vind het vreemd dat zo weinig mensen teksten van Jan onder handen nemen.
Jij zet zijn tekst dan op dans en muziek. Dat geeft meteen een combinatie van drie verschillende disciplines
Ja , en dat kan perfect. Jans teksten zijn heel compact geschreven en laten veel ruimte voor beeldend werk en dans. Bovendien komen er ook nog het licht, het decor en de kostuums bij. Ook dat zijn allemaal andere disciplines. Alles moet wel organisch zijn. Ik vergelijk een voorstelling vaak met een lichaam. Een mens heeft ook een hart, longen en zenuwen. Je zegt toch ook niet: nu ga ik eens enkel focussen op mijn hart. Alle functies hangen allemaal samen. Bij mij is een voorstelling ook een organisch lichaam. Als het een harder begint te pompen, heeft dat invloed op het andere. Je moet niet zeggen: nu stoppen we met dansen en gaan we iets anders doen. Je moet de ‘organiek’ vinden om van het ene in het andere te sluipen zonder dat het rationeel bedacht of geanalyseerd moet worden. Uiteindelijk moet het pure emotie worden. Het is raar: maar ik denk er ook niet te veel bij na. Het komt zo.
Is het verhaal van Oedipus vandaag nog relevant? Wil je met zo’n zwaarwichtig noodlotsdrama een hedendaagse boodschap uitsturen?
Geen politieke boodschappen, denk ik. Het is gewoon een heel menselijk drama waarbij iemand de allerergste vergissing begaat die hij kan begaan zonder dat hij het eigenlijk zelf weet. Of dat nu echt over het hedendaagse gaat, weet ik niet. Het hedendaagse is ook niet zo origineel dat het nooit gebeurd is. Het herhaalt zich constant.
De financiële crisis is een bedreiging, vind ik. Europa is een ballonnetje dat wel eens gaat ontploffen door zijn eigen illusies. Er staan ons nog wel straffe jaren te wachten. Maar je moet daar ook niet pessimistisch of angstig naartoe kijken. Die verandering brengt wel weer nieuwe dingen met zich mee die interessant kunnen zijn en die je op een andere manier gaan doen leven.
Er hangt ons, zoals bij Oedipus, geen noodlot boven het hoofd.
De wereld zal vergaan op 21 december in 2012. Dat zeggen althans de Maya’s. Je krijgt dan mensen die tunnels en bunkers beginnen te bouwen. Maar als hij echt gaat vergaan, verga ik mee.
Oedipus / Bêt noir op donderdag 12 januari, aanvang 20.15 uur, schouwburg Warande, ticketprijzen 19, 16, 15, 10 euro. Om 19.15 u geeft dansdocente en recensente Katie Verstockt een gratis inleiding.
- regie, choreografie en scenografie: Wim Vandekeybus
- van en met: Wim Vandekeybus, Carly Wijs, Willy Thomas, Guy Dermul, Roland Van Campenhout en Ultima Vez-dansers
- tekst: Jan Decorte
- muziek: Roland Van Campenhout
Tekst: Stijn Janssen
Print je mail !
Wanneer je van ons een beves-tigingsmail krijgt dat je vrijkaarten hebt gewonnen, druk dan die mail af en neem hem mee naar de locatie waar de voor-stelling plaatsvindt.
Vermeld ook steeds je naam en adres in de mail wanneer je wil meedingen voor de vrijkaarten.

