Lea Witvrouwen is Lea Schepers in de Benidorm Bastards
februari 2012
OLEN – “Da’s wel oons bank, hé. Wij zitten hier altijd. Move it dude”. Met die woorden joegen de franke nonnen uit Benidorm Bastards verbouwereerde jongelui van een zitbank in hartje Antwerpen. Een hilarische sketch die Lea Witvrouwen (61) uit Olen, alias Lea Schepers, met plezier gedraaid heeft.
Het tv-programma waarin zeven arrogante, grofgebekte en respectloze oudjes door de straten snorren om de jeugd in de luren te leggen, sleepte na twee Gouden Rozen de Internationale Emmy Award voor beste comedy in de wacht en is verkocht aan tal van landen. Het succes van de Bastards heeft Lea, de jongste van de ploeg, bekendheid gebracht. “Veel mensen denken dat ik werkelijk Schepers heet”, vertelt de amateuractrice met haar herkenbare Kempense tongval. Klein van gestalte, maar groot in humor.
Zaterdagmorgen. Snipverkouden verwelkomt Lea Witvrouwen me hartelijk in haar appartement in Olen. Niet het moment om stemmetjes te spelen of reclamespots in te spreken. Maar een babbel over haar belevenissen bij Benidorm Bastards gaat haar aardig af. “De Bastards heeft mijn leven veranderd”, zegt de goedlachse gepensioneerde onderwijzeres. Aan de muur in de woonkamer prijkt een mooie foto van de nonnen, de rol die ze samen met collega-Bastard Hilda, speelde. Op de kast pronkt een foto van de hele crew.
Ik ben vrolijk en positief, maar ik kan goed een franke tik spelen.
Hoe ben je op de set van Benidorm Bastards beland?
Via het toneel (Theaterspektakel in Herentals, nvdr), kreeg ik een mail. Er werden 60-plussers gezocht voor een verborgencameraprogramma. Ik werd 59 en kwam in principe niet in aanmerking. Toch dacht ik: klinkt het niet, dan botst het. En ik stuurde een mail naar het productiehuis waarin ik eerlijk schreef dat ik nog geen zestig was, maar klein van gestalte ben en heel oud kan spelen. Ik moest een paar foto’s van mezelf in oudere rollen doorsturen. Zo mocht ik op auditie komen en met Bart Cannaerts enkele sketches spelen. “Als je maandag niets van ons hoort, dan gaat je leven gewoon verder”, klonk het. Die maandag hoorde ik niets. ’t Wordt niets, dacht ik. Enkele maanden later werd ik uitgenodigd om samen met de regisseur drie sketches op de Groenplaats in Antwerpen te spelen. Die vielen heel goed mee. Ik had oude kleren van mijn moeder zaliger aangetrokken. Mijn haar heeft zijn eigen kleur nog en ik kreeg te horen dat ik er te jong uitzag. De vrijdag erop zou ik weten of ik geselecteerd was of niet. Ik had er niet veel hoop op. Maar ’s zaterdags kreeg ik telefoon dat ik gekozen was.
Typerend voor Lea Schepers is haar taalgebruik. Op-en-top Kempens.
Ja, ik vind dat we een mooie taal hebben. Maar wat mijn stem precies goed maakt, weet ik niet. Bij het begin van de opnames moest iedereen een telefoongesprek doen. Ik kwam er als beste uit en mocht alle telefoongesprekken in de Bastards doen. Is het omdat ik duidelijk praat? Dat is dan misschien een restantje van mijn verleden als onderwijzeres. (lacht) Wel merk ik dat ik een herkenbare stem heb. Mensen herkennen me niet op straat, maar als ik mijn mond opendoe, zie je ze plots omkijken. Naar het schijnt, verstaan ze mijn dialect goed. Op toneel kreeg ik vroeger vaak de opmerking: “Als jij meespeelt, verstaan we het tenminste.” Ik vind Kempenaars warm, gastvrij en sociaal.
Je hebt de Kempense taal op de wereldkaart gezet.
Toen Tim (Van Aelst, producer, nvdr) in Cannes zat voor een prijsuitreiking, zei hij me aan de telefoon: ‘Lea Schepers staat hier op een groot scherm haar uitleg te doen’. Dat is eigenlijk toch niet te geloven. Ik besef dat eigenlijk niet.
Doet het niet raar om wereldwijd in de huiskamer gezien te worden?
Ik heb de Koreaanse aflevering gezien. Daarin klapten ze van dat ‘tching, tchang tchong’. Dat doet toch raar. Maar dan zijn het ook andere acteurs. In de Franstalige afleveringen worden wij gedubd. Ik die Frans praat, dat trekt op niets. En dan nog met een andere stem.
Van welke sketch heb je werkelijk genoten?
Van die op het stampvolle terras van een café op de Groenplaats. Hilda en ik bestellen als non een Duvel. Wanneer de ober het glas omstoot, schieten we uit ons krammen: ‘What the fuck, zieke zot godverdomme, klootzak.’ En we gaan prompt weg. In de oortjes die we dragen, roept de regisseur: “Dames, goed gedaan. Keigoe. ’t Zit erop.”
Die scène werd van de eerste keer ingeblikt, wat zelden gebeurt. Meestal wordt een sketch minstens tien keer gespeeld. Hilda en ik zijn nadien terug naar het terras gegaan, waar iedereen begon te applaudisseren. Dat vond ik super, super, super!
Ontving je ook al negatieve reacties op een frats?
Jawel. Na een sketch moeten de mensen tekenen dat ze akkoord gaan dat het uitgezonden wordt. Er zijn er die dat niet willen. Bijvoorbeeld een koppeltje van wie niet geweten is dat het een koppel is. Of iemand die niet op dat moment op die welbepaalde plaats mocht zijn.
Vorig jaar ontving Benidorm Bastards de Emmy Award voor best comedy. Had je dit verwacht?
Daar was ik efkes niet goed van. De dag waarop de award werd uitgereikt, dacht ik: daar blijf ik niet voor op. Dat halen we als klein landje in zo’n groot Amerika toch niet. De volgende ochtend om 7.20u kreeg ik een sms’je van een vriendin. Ze wenste me proficiat. Ik sms’te terug: “’t Is niet waar zeker?” En ik kroop terug mijn bed in, me eigenlijk nog van niets bewust. ’s Morgens ben ik een diesel die langzaam op gang komt. Even later rinkelde mijn gsm. Q-music aan de lijn met de vraag of Kurt Rogiers een interview mocht afnemen. Ook belde Chantal De Meutter van Radio 2 voor een reactie. Met Chantal heb ik vroeger nog samen toneel gespeeld in Herentals. “Ik blijf met m’n twee voeten op de grond, Chantal”, antwoordde ik in plat Hertals. Ik had niet door dat mijn reactie voor uitzending diende. Dat plat stukje kwam toch wel in het nieuws zeker. Later belde Radio 2 terug voor het programma Middagpost. Toen heb ik fatsoenlijk gesproken. (lacht)
Big party op productiehuis Shelter?
Dat feestje moeten we nog krijgen. (lacht uitbundig) Tim zit momenteel in Amerika om er Benidorm Bastards op te starten. Ik stuurde hem onlangs een mail en kreeg het bericht terug: “Doe je uitleg binnenkort maar op het Emmyfeestje”. Misschien dat er op Shelter iets georganiseerd wordt. Want daar kennen ze iets van feestjes, hoor. Amai. Gans VTM wordt dan uitgenodigd.
Welke impact heeft het programma op je leven?
Het heeft mijn leven veranderd. Al meer dan 35 jaar speel ik toneel. Ik werd herkend door mensen die komen kijken. Maar nu ben ik plots gemeenschappelijk bezit. Ik bedoel dit niet negatief. ’t Is plezant. In winkels, overal, word ik er vaak in de positieve zin over aangesproken. Ik vertoef in een andere wereld, maar ik zou niet willen dat ik begin te zweven. Dat zou ook niet in dank afgenomen worden. Ze kennen me als Leake Witvrouwen en dat moet zo blijven.
Ze kennen me als Leake Witvrouwen en dat moet zo blijven.
Niet Lea Witvrouwen, maar Lea Schepers heeft meer dan 2.000 fans op Facebook.
Veel mensen denken dat ik echt Schepers heet. Wie de pagina van Lea Schepers heeft aangemaakt, weet ik niet. Het doet heel raar om over jezelf te lezen op internet. Voor mijn zoon had ik bij Decathlon een vouwfiets gekocht. Even later las ik op Facebook: “Veel succes met uw vouwfietske”. Fietske, fietske? Ik heb toch geen sketch gedaan met een fietske? Toen ik het profiel van de man las, zag ik dat hij bij Decathlon werkt en toen begreep ik het.
Als je moet kiezen: theater of tv?
Theater. Op tv heb je geen directe respons. Is de scène niet goed, dan wordt ze opnieuw gedraaid. Bij theater heb je één kans en zit er een publiek naar jou te zien. Dat lijfelijke contact vind ik belangrijk. Je leert er ook veel meer mee. Voor toneel moet je tekst blokken. Voor de Bastards ging het om kleine tekstjes.
Boven jouw computer hangt een foto van wijlen Gaston van de Bastards.
Van zijn overlijden heb ik afgezien. Als een van de ouders van Hans Otten heb ik veel met Gaston samengespeeld. Hij was 80 jaar en heel vinnig. Maar op een gegeven moment heb ik hem zien aftakelen. Ik heb hem meermaals bezocht op de palliatieve afdeling. Zijn dood heeft een diepe indruk op mij nagelaten.
Jammer dat Benidorm Bastards afgelopen is?
Ja. Intussen worden we herkend op straat en is het concept verkocht aan tal van landen. Een nieuw seizoen draaien, kan niet. Ik heb al voorgesteld om een film te maken. Bastards The Movie. (lacht) Ach, het was plezant. Op de set werden we goed gesoigneerd en we moesten niet te veel sketches op één dag spelen. Behalve die met de spandoeken op de brug. Daar hebben we een halve dag gestaan. Maar dat was niet zo vermoeiend.
De Bastards zijn brutaal en baldadig. Heb jij in het echte leven ook zoveel lef?
De nonnen zijn echt frank en arrogant. Mensen alleen aanspreken en voor de zot houden, dat doe ik niet graag. Dat vind ik vervelend. Met twee valt dat niet zo op. (lacht) Ik kan ook niet tegen ruzie. Ik probeer goed te doen voor iedereen. Ze hebben me ooit voorgesteld om directrice op een school te worden. Dat aanbod heb ik geweigerd. Want in die functie kan je niet schipperen. Tegen mensen ingaan, dat kan ik niet. Op toneel speel ik een rol. Ik kan goed een franke tik spelen, maar ben dat niet in het echte leven. Ik probeer positief en vrolijk te zijn.
Met welk tv-programma kan je goed lachen?
Tegen de Sterren op vind ik ge-wel-dig! Oh, daarin zou ik graag meespelen.
Zou ook een serieuze rol jou liggen?
Walter Rits heeft me destijds in de komische rol gedeponeerd. In ‘Moeder en de Oorlog’ heb ik een serieuze rol gespeeld. Ook dat vond ik leuk, precies omdat je mensen kan ontroeren. Ik zou best nog wel eens zo’n rol willen spelen. Al was het maar om te zien of ik het nog kan. Of in een musical. Ik ben een echte musicalfan. ‘Fiddler on the Roof’ vind ik prachtig. Maar in musicals spelen geen oude mensen mee. (lacht)
Hoe kijkt jouw vriend naar jouw succes?
Stan is een grote fan. Hij is heel grappig. Toen we onlangs in de Decathlon waren, zei hij tegen de kassier: “Zet maar op naam van Lea Schepers”. Zijn kleinkinderen vragen foto’s om uit te delen aan vriendinnen. Leuk. (straalt)
Ik wens je nog een mooie zaterdag, Leake Witvrouwen.
Komt in orde. Straks komt mijn lief. (lacht met pretoogjes)
Tekst: Caroline Haverans
Foto: Bart Van der Moeren
Dim lights Embed Embed this video on your site
