Walter Van den Broeck: "Ik benijd Aster Berkhof"
"Ik heb hem ooit eens geïnterviewd op zijn zestigste en toen maakte hij nog een vitale indruk. Zestig is nog niet 'stokoud' maar je hebt toch mannen die op die leeftijd de indruk geven een half continent te moeten meeslepen. Hij behoort tot een onverwoestbaar ras. (lacht)"
"Op zijn zestigste had hij al meer dan veertig ontspanningsromans, zoals hij dat zelf noemde, geschreven. Maar daarnaast heeft hij toch een aantal behoorlijk serieuze dingen gemaakt zoals 'Dagboek van een missionaris' en het 'Huis van Mama Pondo'. Ik herinner me ook nog de trilogie 'Toen we allen samen waren'. Die boeken gaan de ontspanningsroman ver voorbij. Misschien is hij het slachtoffer geworden van zijn 'gemakkelijk schrijven'. Ik denk dat hij in staat was om, zoals Simenon, een boek op 11 dagen tijd te schrijven. Als je dan aan ernstiger werk begint, wil die routine zich wel eens wreken. Die dingen laten zich niet zo makkelijk vangen in sjablonen, versta je."
"Berkhof is, net zoals ik, opgegroeid in een volksbuurt, maar hij kwam wel uit een welgesteld gezin, terwijl ik maar uit de kelder kwam gekropen. Je mag dan al sympathiseren met de werkman, toch kijk je anders tegen de zaken aan. Hij situeerde bijvoorbeeld zijn 'Veel geluk professor' in Zwitserland. Aan skivakanties: daar moest ik toch niet aan denken!"
"Wat wel opviel aan zijn zogenaamde ontspanningsromans zoals 'Isidoor' was dat die in een behoorlijk Nederlands geschreven werden. Dat was schaars in een tijd van Streuvels, Claes en Walschap. Die schreven dan wel niet in het dialect maar toch in een volkse taal."
"Berkhof schreef verhalen die door het volk graag gelezen werden. Zijn succes zegt ook iets over de relativiteit van de aandacht die schrijvers krijgen van de pers. Het zijn uiteindelijk de lezers zelf die kiezen wat ze gaan lezen. En als ze van een schrijver een boek gelezen hebben dat hen bevalt, gaan ze naar de bibliotheek en zoeken daar een tweede boek van hem. Als hij er honderd heeft geschreven, dan lezen ze die als het moet alle honderd achter elkaar."
"Maar ik benijd schrijvers als Aster Berkhof. Niet alleen om die enorme productie, maar ook omdat schrijvers zoals hij zich niet zitten op te vreten omdat er geen aandacht voor hen is in de pers of omdat ze niet om de haverklap worden opgevoerd bij televisiespelletjes. Ik denk dat hij vrede heeft met het leven dat hij geleid heeft. En wat kan een mens meer verlangen."
