Alice Swerts in wonderland (1916 - 2003)
BALEN - 57 jaar was Alice Swerts uit Rosselaar toen ze zich meldde aan de Molse kunstacademie. Alice mocht dan wel een eenvoudig boerenleven hebben geleefd, door haar hoofd trok elke dag 'De stoet der dwazen van het circus Jeroen Bosch'. Haar fantastische, naïeve schilderijen die vandaag overal in de wereld in huiskamers hangen, blijven daar de getuigen van. Alice bracht de geur van akkers, beesten en verbrand hout mee naar het schildersatelier.
Er zijn graven en graven. Graven van veel te vroeg gestorvenen, graven van onbekende soldaten, graven van families en kindergraven... Er zijn praalgraven en massagraven. Graven van moordenaars en graven van helden. Op elke mens past wel een graf. Op Kempense kerkhoven liggen her en der graven waarvan de bewoners een seconde langer aan de onvermijdelijke vergetelheid ontsnappen. Het zijn de graven van jonge voetbalsterren, van schrijvers die nog zoveel beloofden, van werkmanshelden. Het Père-Lachaise van de Campine.
Ze ging tussen de andere leerlingen zitten, vouwde haar armen voor haar borst en deed verder niets. Na de les sprak ze de leraar aan: 'Ze lachen me hier niet uit. Ik blijf komen.'
Samen met haar man Dictus wroette Alice dagelijks in de grond, als echte keuterboeren. Ze bezaten een huis met bemeubelde kamers in het dorp, maar daar zetten ze nauwelijks een stap binnen. Het kinderloze koppel leefde in de kelders tussen de bergen groenten. Op een hoop aardappelen lag de koperen bombardon van Dictus te blinken. Achter het erf stond een caravan, het schildersatelier van Alice, waar ze haar schilderijen maakte.
De schilderes Alice Swerts werd uit het artistieke wereldje geweerd, want ze kon niet tekenen of schilderen en had geen notie van perspectief. Toen haar academiejaren voorbij waren, reikte de directeur haar tijdens de prijsuitreiking tegen zijn zin een diploma uit. Gelukkig voor de wereld en Alices unieke talent trof Alice echter op de academie een leraar schilderkunst uit de duizenden. Op een dag bladerde hij door haar schetsboek en liet hij zijn oog vallen op een kinderlijke tekening. Alice had tijdens een vrij moment een dwerg getekend die op een fles door de lucht vloog. Zij reageerde kribbig op de gemeende belangstelling van haar leraar: "Geef hier dat prul". Maar die ontdekking betekende het begin van haar schildersloopbaan. Om haar fantasie verder te prikkelen, verzon de leraar voor haar de meest fantastische verhalen. Alice uit Rosselaar gleed dan binnen in haar eigen wonderland en creëerde op doek haar volstrekt eigen wereld, bevolkt met dwergen, gigantische koeien en bomen met enorme bladeren.
Toen haar medeleerlingen haar op een dag als Madame Rousseau begonnen aan te spreken, begreep ze dat niet. Wie in godsnaam mocht die Rousseau wel zijn? In een kunstencyclopedie stootte ze op de Franse schilder Henri Rousseau le douanier, een vertegenwoordiger van de naïeve schilderkunst. Het was een schok te moeten vaststellen dat er vóór haar op de wereld nog iemand had geleefd die een eigen wonderwereld had geschapen en taferelen in dezelfde fantastische, primitieve stijl had geschilderd.
Het verhaal van deze Balense oerboerin, die sprak als een orakel en schilderde als een kind, was puur goud voor de Nederlandse tv-maker Rik Felderhof. In zijn programma 'De Stoel' liet hij Alice opdraven als een curiosum uit de diepste krochten van Vlaanderen. De gevolgen lieten niet lang op zich wachten. Horden Nederlanders kwamen Alice in haar caravan opzoeken en bejegenden haar werk met dezelfde hautaine verrukking als ontdekkingsreizigers de tatoeages van een pygmee in Borneo. Toch liet Alice zich deze belangstelling welgevallen. De Nederlanders wilden allemaal een schilderij van haar en na verloop van de tijd kon ze de opdrachten niet meer bijhouden. De puurheid van haar eerste werken ging verloren en maakte plaats voor routineus bandwerk. Toch zorgt die bekendheid ervoor dat haar schilderijen vandaag overal ter wereld in huiskamers hangen.
Op het einde van haar leven werd Alice zelf een figuur uit haar schilderijen. Was ze zot van glorie geworden? Feit was dat Alice en Dictus, die voordien altijd sober van eigen gewin hadden geleefd, zich van de ene op de andere dag een echte sportwagen aanschaften. Met open dak en de haren in de wind reden ze door het dorp. Wilde Alice zelf de stoet van Jeroen Bosch aanvoeren, 'onder een groene hemel in de blauwe zon met achter haar twee konijnen met een trechter op hun kop'?
De urn met daarin de assen van Alice Swerts staat opgeborgen in het columbarium van het kerkhof van Rosselaar, afgeschermd door een zwarte, blinkende tegel met daarop enkel haar naam.
tekst: Stijn Janssen | foto: Bart Van der Moeren
Print je mail !
Wanneer je van ons een beves-tigingsmail krijgt dat je vrijkaarten hebt gewonnen, druk dan die mail af en neem hem mee naar de locatie waar de voor-stelling plaatsvindt.
Vermeld ook steeds je naam en adres in de mail wanneer je wil meedingen voor de vrijkaarten.

